Reflectie artikel “Free! Why $0.00 Is the Future of Business”
december 27, 2009
Auteur: Chris Anderson
Door Sylvia Gruijs
Even heel snel en kort samengevat gaat het in het artikel om de definitie van het begrip ‘free’ in de economie en de verschillende vormen die worden gebruikt. Zoveel verschillende vormen van ‘free’ of voor ons gewoon ‘gratis’. Ik ga niet op elke vorm of elk begrip in, dan zijn we nog wel even bezig. Ik pak alleen degene die ik het belangrijkst en het meest noodzakelijk vindt.
“Cross-subsidy”. Een manier van gratis (of goedkoop) die al langer bekend was, iedereen die herkent het denk ik wel. Een product gratis uitdelen als je een ander product koopt. Of de niet-gratis variant die misschien bekender is, een product is goedkoop te kopen, maar om het verder te gebruiken moet je meer betalen. Als voorbeeld: je koopt een scheermesje die niet zo duur is, maar om deze optimaal te gebruiken heb je nieuwe mesjes nodig die jouw portemonnee even flink uitbuiten. Eigenlijk toch wel flauw nietwaar? Een beetje… afzetterij zou je het eigenlijk kunnen noemen. Natuurlijk is het wel een goede marktstrategie, want het werkt wel, zo zie je maar. Ik denk dat iedereen er wel eens mee te maken heeft of heeft gehad. Geef dan maar alles gewoon gratis weg, denk ik dan. Maar ja, zo werkt het natuurlijk niet. Nog niet althans.
Het verhaal over het ‘wasten’, hoe de services op het web zo goedkoop werden, dat het eigenlijk gratis kon worden genoemd. Dit vond ik persoonlijk wel interessant. Hoe zij een manier vonden om bepaalde delen de ‘verkwisten’, zodat andere dingen goedkoop – zelfs gratis – konden worden gemaakt en een hogere kwaliteit kregen. Een aparte verhouding, want gratis en kwaliteit is iets wat je vaak niet samen tegenkomt tegenwoordig. Misschien is dit zelfs maar een discours; goedkoop of gratis is kwalitatief minder goed. Het zit er bij iedereen ingebakken en als jouw product te goedkoop of gratis is dat de kwaliteit minder is. Mensen geven vaak een reactie als “dit kan niet, dat kan niet zo goedkoop zijn, dan moet het wel een slechte kwaliteit zijn” en dan gaan ze ook echt denken dat de kwaliteit minder of simpelweg slecht is.
Wat mij dan weer opvalt is dat het meeste ‘gratis’ gewoon op het web te vinden is. Niet zo zeer in de economie en markt, waar je dan wel de cross-subsidy strategieën hebt die je op het web niet hebt. Op het web heb je services als Google en YouTube, waarvan iedereen weet dat het gratis is. Je download muziek en al die dingen tegenwoordig gratis (soms illegaal, maar toch gratis). Eigenlijk is bijna alles wat je doet op internet tegenwoordig gratis. En misschien, is over een paar jaar alles op de markt ook wel gratis. Wie zal het zeggen. Zo onverwachts als alles gaat. Geen verschillen meer tussen arm en rijk. Zou toch mooi zijn nietwaar? Of toch niet?
CHANGE OF PLANS!
december 17, 2009
Op het allerlaatste moment zijn wij van gedachte veranderd. Ons hond-plan is verleden tijd. Want de aarde warmt op. Dat is toch een veel groter issue? Ten minste, dat is het discours. Wat nou, de aarde warmt op? Kijk naar buiten, het sneeuwt en vriest en binnenkort kunnen we schaatsen.
“De warmste zomer in 50 jaar” tegenover “het gebeurt nauwelijks nog dat het in Nederland sneeuwt”. Er zijn altijd uitersten, maar komt dit ook door het opwarmen van de aarde? Misschien, maar mensen denken dit te makkelijk.We betalen extra voor groene stroom en producten. We passen ons maar aan met het idee dat de aarde opwarmt in ons achterhoofd. En de Nederlandse overheid pompt 130 miljoen euro’s in het tegengaan van het opwarmen van de aarde. Is dit allemaal wel nodig? Mensen, wordt wakker!
Door een ludieke actie willen wij dit mensen duidelijk maken. Een groepje mensen die zomers gekleed gaat, maar dan in de sneeuw. Daarbij moeten mensen toch vragen gaan stellen?
PiratenPresentatie
december 17, 2009
Hond, het meest malse stukje vlees, HOND!
Vlees. Het moet biologisch en eerlijk zijn. Het dier moet een goed leven gehad hebben en het vlees mag niet te duur zijn. Dat is ten minste wat de meeste mensen benoemen als je vraagt wat zij belangrijk vinden bij het kiezen van een stuk vlees. Tegelijkertijd worden honden die geen baasje kunnen vinden afgemaakt en hun vlees daarmee bij het oud vuil gegooid. Maar hier zie je toch duidelijk een mogelijkheid om het eten van vlees van andere dieren, die veel te massaal worden gegeten, waardoor een echt goed leven voor deze dieren niet mogelijk is, te reduceren? Er rust een taboe op het eten van hondenvlees, maar waarom eigenlijk precies? Met onze campagne proberen wij er slechts voor te zorgen dat mensen zelf gaan nadenken over het discours “hondenvlees hoort niet thuis op de menukaart”, waardoor het taboe misschien verdwijnt. Let wel: het taboe, niet de keuze om geen hondenvlees te eten.
Een reclamecampagne die de eerdere kippenvleescampagne van de Europese Unie imiteerd, met een satirische insteek, moet dit zelf denken bij mensen activeren.
Reflectie Werkgroep 5
december 16, 2009
Door Bruce Dietz
ARRGGHH! Het was eindelijk tijd voor iedereen om zijn ooglapjes en houten benen tevoorschijn te halen want we hebben in de werkgroep lekker de piraat uitgehangen!
Oké nu ga ik te snel. We hebben eerst nog even het hoorcollege afgemaakt.
Het filmpje “Simulacres et simulation” dat we nog gingen kijken sloot naar mijn mening (onbedoeld) erg goed aan op de werkgroep. Wat ik er van heb begrepen is dat er verteld werd hoe alles om ons heen eigenlijk geregeld wordt door het systeem. We gingen gelukkig niet te lang over het filmpje door. Ik vind het leuker om in de werkgroep ook echt met een bepaald doel bezig te zijn.
Na deze opfrisser konden we lekker aan de slag met de piratenopdracht.
Het was de bedoeling dat we in een groepje een discours uitkozen waarop we vervolgens een “piratenactie” op zouden verzinnen. Deze actie tegen het systeem kan legaal (door middel van het omzeilen de regels) of illegaal (door middel van het breken van de regels).
In ons geval hebben we het discours “hondenvlees hoort niet thuis op de menukaart” gekozen. Het is eigenlijk belachelijk dat we wel gewoon koeien- en varkensvlees eten maar weigeren hond te eten. We kregen meteen de reactie “maar een hond is een huisdier. Dat is anders.” Die woorden zette mij ook meteen aan het denken. Het is dus blijkbaar zo dat als je gewend bent dat mensen zich aan een bepaald dier hechten, dat je het dan ook niet opeet. Een beetje vreemd vind ik dan dat er wel konijnenvlees te koop is. Zo zijn we dus nog heel lang doorgegaan en er is dus niet echt een reden gevonden waarom we het niet zouden eten.
De les is me erg goed bevallen aangezien we de hele tijd lekker bezig zijn geweest en de opdracht en het doel duidelijk waren. Wel een beetje jammer dat we ineens zo veel huiswerk opkregen.
Reflectie Andrew Keen Hoofdstuk 6 & 9
december 16, 2009
Door Sander Bruggeman
Het downloaden van muziek en films is slecht. Dat weet iedereen, nu dan ten minste. Andrew noemt de onwetende illegaal downloadende mensen nog net geen criminelen, maar daar scheelt niet veel aan. Mensen die nu willens en wetens muziek en films downloaden zijn slechte mensen. Andermans ideeen over het delen van digitale producten op het internet worden als belachelijk weggezet en niet eens bediscussieerd.
Wanneer Andrew over plagiaat van studenten begint, ben ik op dat punt met hem eens. Op het punt dat plagiaat door studenten, wanneer zij informatie klakkeloos van het internet overnemen, slecht is. Maar wel omdat het plagiaat is en niet omdat dit nou net plagiaat van internetbronnen is. Dat informatie nu overal op het internet heel makkelijke toegankelijk is, is een van de beste ontwikkelingen van web 2.0, naar mijn mening. Niet meer uren in de bibliotheek het alfabet afgaan om thuis te komen met een boekje, waarin je uren loopt te zoeken naar dat wat jou interesseert (omdat je geen ctrl+f kunt gebruiken (daar raak je nogal aan gewend)).
Hierna begint Andrew over het gokprobleem bij jongeren (wat dit met de rest van het boek, amateurs en piraterij op het internet, heeft te maken weet ik niet. Misschien begint hij nu gewoon aan alle, volgens hem, negatieve kanten van web 2.0). Het is een groot probleem, waar veel geld in omgaat. Geld verloren wordt ook. Online poker neemt het leven van jongeren over waardoor ze, grof maar duidelijk gezegd, in de shit raken. Het is een verslaving, zoals alle andere verslavingen. Jawel, dat is waar. En het is een probleem. Maar weer is web 2.0 niet de oorzaak. De aanleiding misschien, maar de oorzaak is de hype. Zoals hypes al tijden mensen verslaafd maakt. De ene keer is dit niet zo erg, de andere keer kan dit wel nare gevolgen hebben. Online poker is zeker een van die laatste. Andrew Keen wil natuurlijk weer verbieden. Mensen zijn niet te vertrouwen en kunnen zelf geen goede keuzes maken. Dat dreunt door het hele boek door. En dat is waarom ik het een naar boek vind. Een internet vol met restricties en regels die alles waar het internet voor staat (een zekere vorm van vrijheid) teniet doet. Jammerlijk.
Nog even gaat Andrew door met het voorstellen van verboden. Seks op het internet bijvoorbeeld. Want ook daar is web 2.0 de veroorzaker van. Porno is zo toegankelijk geworden dat mensen er verslaafd aan raken. Mensen met kwade (seksgerelateerde) bedoelingen hebben vrij spel. Zo zwart/wit wordt het weer geschetst. Zo zwart/wit is het niet. Seks was er al voor het internet, seksverslaving net zo goed. En voor een groot deel geloof ik best dat deze vrije toegankelijkheid mede heeft gezorgd voor het verdwijnen van enkele taboes en overdreven ‘preutserigheid’. Misschien is het wel helemaal niet zo slecht dat pubers stiekem wat (vaak toch nog wel softe) porno opzoeken. Seks is niet allemaal slecht. Ze worden op die leeftijd nou eenmaal nieuwsgierig, dan horen ze er wat van te leren. En op deze manier doen ze dat zelf. Dat er misbruik gemaakt wordt van de toegankelijkheid van internet en het gemak om met andere mensen (en dus ook kinderen) in contact te komen probeer ik geenzins goed te praten, maar weer is web 2.0 hier geen oorzaak van. Die mensen waren allang gestoord. En daarbij, je hoort die bepaalde groep mensen aan te pakken, niet het internet, zodat iedereen er uiteindelijk toch last van heeft.
Slecht, slecht, slecht. Verderf en verslavingen brengt dat web 2.0 met zich mee. Het is wel erg makkelijk om op deze manier al deze dingen op web 2.0 te schuiven. Hij doet dat dan ook erg makkelijk, zonder het, naar mijn mening, erg goed te onderbouwen. Wat zouden de betreffende mensen doen wanneer er geen web 2.0 tot hun beschikking was? Zag hun leven er dan wel rooskleurig uit? Hadden ze op een andere manier hetzelfde gedaan? Of zou het misschien nog erger zijn? Ik denk, dat het niet vaak dat eerste zal zijn.
In hoofdstuk 9 heeft Andrew Keen het over de invloed van web 2.0 tijdens de afgelopen presidentsverkiezingen in de Verenigde Staten. Hij verteld over mensen die hem voorspelden dat deze verkiezingen de youtubeverkiezingen zouden worden. Youtube, en al het andere wat web 2.0 met zich meebrengt, zouden een grote invloed hebben op de uitslag van de verkiezing. Andrew Keen voorspelde dat dit niet zou gebeuren. En dat hij dit niet hoopte. Nu, terugkijkend, beweert Andrew dat dat inderdaad niet het geval is geweest. Een minimale invloed zouden websites als YouTube hebben gehad.
Het is maar hoe je het bekijkt. Het zal geen doorslaggevende factor geweest zijn, maar een grote invloed kan het desalniettemin wel gehad hebben. Niet voor niks heeft Obama youtubefilmpjes en zelfs een iPhone-applicatie gemaakt om zijn standpunten bij het gehele volk te krijgen. Obama was hier van de presidentskandidaten het meest mee bezig, met het populair worden via het internet, en wie heeft er gewonnen? Of dit hierdoor was valt te betwijfelen, maar dat heeft geloof ik niemand ooit beweerd. Het heeft vast wel geholpen.
Andrew blij, web 2.0 heeft de wereld nog niet overgenomen. Web 2.0, the barer of all evil.
Ik hoop dat de volgende verkiezingen nog veel meer over het internet zullen plaatsvinden. Voor iedereen toegankelijk en zo kunnen de presidentskandidaten hun boodschap ook veel meer op het publiek afstemmen. Go web 2.0!
Reflectie Hoorcollege 5
december 13, 2009
Door Sylvia Gruijs
Tja, het is zo moeilijk om feiten en uitleg te reflecteren. Er werd al gezegd dat het moeilijk is en als het niet kan, dan kan het gewoon niet. Maar ik wil toch een reflectie maken en er niet met drie regels van af komen.
Dit hoorcollege ging over piraterij en verschillende visies en vormen van. Matt Mason was te duur om een college te komen geven over zijn boek “Piraterij”, dus heeft Theo het zelf gedaan. Onder andere werd er besproken wat piraten volgens Mason zijn, de illegale en legale piraten, de geschiedenis van piraten, de bewuste en onbewuste piraten en allerlei voorbeelden van de hiervoor genoemde onderwerpen. Hierdoor heb ik een goed beeld gekregen van piraten. Vooral het bewust vs. onbewust en illegaal vs. legaal verhaal helpt daarbij.
Ik ben een illegaal onbewuste piraat. Ik weet dat het ‘slecht’ is voor de maatschappij om alles te downloaden en toch doe ik het. Maar ik doe het niet omdat ik iets wil bereiken of omgooien, ik wil gewoon mijn muziek hebben, that’s all. Ik wil de muziek eerst luisteren voor ik het koop, áls ik het al koop.
Wat ik ook een leuk punt vind is dat piraten, die vaak bewust en illegaal te werk gaan online (downloaden), het eigenlijk recht zetten. Dat het eigenlijk een soort beweging is tegen de hoge prijzen van de muziek. Door het te downloaden, verminderd de opbrengst van de muziek en de muziekindustrie, dus moeten ze na verloop van tijd de prijzen naar beneden gooien. (Hoewel ik dat nu nog niet merk). Hierdoor is muziek minder duur, is er weer minder reden om te gaan downloaden en meer reden om cd’s te gaan kopen. Tevens denk ik dat dit uiteindelijk niet gaat werken. Ik heb zelf laatst een paar cd’s gekocht (duur, maar ik wilde ze toch graag hebben, dus ja), maar vervolgens kan ik er eigenlijk niets mee. Mijn radio was zo oud dat ik er niets meer mee kon, dus waar moest ik mijn cd’s draaien? Ik denk dat ze met een nieuw medium moeten komen om muziek op te zetten en te verkopen, om daarmee het downloaden ‘tegen te gaan’. Aangezien iedereen nu MP3’s en telefoons heeft en niets meer heeft aan cd’s.
Reflectie Hoorcollege 4
december 9, 2009
Door Bruce Dietz
Het hoorcollege was… erg handig. Niet meer en niet minder. Nu spreek ik natuurlijk voor mezelf maar ik was er dus erg blij mee dat er in alle geuren en kleuren uitleg gegeven werd over de eindopdracht. Zo krijg je toch een indruk van waar je naartoe werkt. Naast de uitleg over wat een essay nou eigenlijk is (ik had nog geen idee), werd er stap voor stap een onderdeel behandeld van de eindopdracht. Dit vind ik wel een fijne manier omdat je dan steeds bij één onderwerp blijft en je daar ook vragen over kan stellen voordat er aan het volgende deel begonnen wordt. Niet dat ik vragen moest stellen want het was gelukkig allemaal erg duidelijk.
Waar ik erg blij mee was waren de eindeloos veel voorbeelden die gegeven werden. Bij elk onderdeel stond wel een voorbeeldje of werd er uitgelegd hoe het er dan uit komt te zien.
Op het verwijzen naar bronnen werd alleen iets te lang doorgegaan naar mijn mening. Toch niemand gaat onthouden in welke volgorde en hoe je die bronnen neer moet zetten. Zolang ik weet waar ik het format kan vinden op intranet vind ik het goed.
Over bijvoorbeeld de trendpiramide kon wel wat langer doorgegaan worden vind ik. Misschien is het een idee om nog even te bespreken hoe die nou precies terugkomt in het essay of wanneer en hoe je hem gebruikt. Het kan natuurlijk ook aan mij liggen maar dat was voor mij een minder duidelijk stukje.
Ter afsluiting was daar een iets te lang voorbeeld van een essay. Erg handig om thuis nog eens door te lezen en vol met flauwe woordgrapjes wat mij juist stimuleert om verder te lezen.
Het hoorcollege was voor mij dus duidelijk, erg handig, gewoon goed eigenlijk.
Reflectie Werkgroep 4
december 9, 2009
Door Bruce Dietz
Er gaat niets boven youtubefilmpjes kijken tijdens te les. En al helemaal als het een onderdeel van de les is. Ik heb nu al het idee dat ik niet zo heel veel op te merken heb over de werkgroep. We hebben ook gewoon filmpjes gekeken en er over nagedacht. De filmpjes waren goed gekozen. Ze waren grappig en erg interessant.
Het eerste filmpje over het Milgram’s Obedience to Authority experiment begon meteen al best extreem. Ik vond het eng om er achter te komen dat 95% van de mensen gewoon doorgaat met het experiment omdat iemand zegt dat het moet. Wel interessant om te weten natuurlijk. Ik zal zelf denk ik ook toegegeven hebben hoewel ik natuurlijk hoop van niet.
Het tweede filmpje over The Asch conformity experiments vond ik zo ontzettend grappig. Ik heb na de les ook nog meer filmpjes over een soortgelijk experiment bekeken en het is gewoon ongelofelijk hoe gemakkelijk mensen te manipuleren zijn door een groep!
Het derde filmpje over het Stanford Prison Experiment kende ik al. Toch wel grappig om het weer eens te zien. Toch blijft het voor mij ongelofelijk om te zien hoe mensen veranderen door een rol.
Over het algemeen was de werkgroep erg goed geslaagd. Door de filmpjes afgewisseld met het bespreken van het gedrag bleef ik geïnteresseerd en vond het een erg boeiende les.
Andrew Keen – Hoofdstuk 7 & 8
december 9, 2009
(Nu net na het publiceren zie ik dat ik de verkeerde hoofdstukken (hoofdstuk 7 & 8 in plaats van hoofdstuk 6 & 7 heb gereflecteerd. Sorry hiervoor, de laatste reflectie over het boek zal van hoofdstuk 6 zijn.)
Door Sander Bruggeman
Privacy op het internet en dan in het bijzonder onze financiële gegevens, daar gaat het over in hoofdstuk 7 van het boek “The Cult Of The Amateur”. De titel “solutions” van hoofdstuk 8 was tegelijk zowel verrassend als hoopgevend, Andrew Keen die niet alleen zeurt, maar ook met oplossingen komt? Ongelooflijk. Maar daar kom ik zo weer op.
Gegevens die door internetgebruikers op het internet worden ingevuld, worden vaak opgeslagen. Soms weten de internetgebruikers dit, maar soms ook helemaal niet. Zoekmachines bijvoorbeeld: veel mensen weten niet dat de meeste zoekmachines alles wat jij typt opslaan. Alles wordt doorgestuurd naar een grote database, waar netjes wordt bijgehouden waar jouw persoonlijke voorkeuren liggen en wat jouw andere persoonlijke gegevens zijn. Hiermee kunnen ze hun advertenties beter op jou afstemmen. Op zich misschien niet zo’n probleem, wanneer er extreem zorgvuldig met deze gegevens om zou worden gegaan en deze inderdaad alleen gebruikt zouden worden voor deze doeleinden en ze verder ook niet bij andere mensen terecht zouden komen.
Helaas is dit niet altijd het geval, er zijn vele voorbeelden te vinden van hackers die gegevens van zoekmachines en andere websites (vaak nog gemakkelijk ook) los weten te peuteren en deze verspreiden en/of met slechte intenties gebruiken. Vaak draait het om geld. Een identiteit wordt gestolen, waarbij dus ook de financiële identiteit van de gedupeerde, en deze identiteit wordt misbruikt. Waarna de gedupeerde vaak met een grote schuld achterblijft.
Dit gebeurt veel te vaak en zonder dat mensen dit weten. Maar wat kan hier nou aan gedaan worden? In hoofdstuk 8 lijkt Andrew Keen daadwerkelijk met enkele oplossingen te komen!
Helaas valt het me tegen. Met wat voorbeelden lijkt hij te willen laten blijken dat mensen die dit overkomt gewoon niet goed hebben nagedacht. Een voorbeeld van een jongen die wel op tijd inzag dat het niet goed zag moet dit laten blijken. Enkele voorbeelden van professionals die gratis producten aanbieden, en toch verdienen aan de advertentie-inkomsten spreken zijn eigen standpunten eerder in het boek gemaakt tegen. Misschien heb ik het niet helemaal begrepen, maar het lijkt hier alsof Andrew gratis producten van professionals aanprijst.
Tegen het einde van het boek heeft Andrew het nog even over kinderen. De generatie die veel tijd op het internet doorbrengt en dus moet oppassen. Ouders moeten hun kinderen in de gaten houden. Andrew noemt het een strijd, ik zou het ‘het ouderschap’ en dus vanzelfsprekend noemen. Als ouders hun kinderen te lang en zonder toezicht op het internet laten gaat het vanzelf eens fout. Maar dat is in elk opzicht zo. Kinderen moeten nou eenmaal in de gaten worden gehouden, ook wanneer ze internetten. Dat hoort gewoon bij het ouderschap. En soms gaat het eens goed fout, daar kan ik zelf ook over meepraten, mijn ouders hebben eens een rekening van 700 euro gekregen toen ik via een inbelverbinding van een duistere website het internet op ging nadat mijn ouders internet overdag hadden verboden (in de tijd van piepende en krakende modems en toen je nog per minuut voor je internet betaalde).
Als afsluiter nog een pessimistisch verhaaltje van Andrew over web 2.0. Zoals ik dit hele boek al heb lopen zeuren zal internet 2.0 ons alleen maar slechts brengen. Goed, point taken, ik persoonlijk ben blij dat het boek hier ophoudt. The End.
Reflectie Hoofdstuk 1 – Punkkapitalisme
december 6, 2009
Piraterij van Matt Mason.
Door Sylvia Gruijs.
Poe, poe. Wat is dit lastig om te reflecteren zeg. Hij geeft tot dusver niet zo zeer zijn mening, maar laat meer het ontstaan, verloop en de redenen van de punk hype geschiedenis zien. ‘Haar is van belang’ vind ik best een mooie uitspraak, die ik net als Matt Mason, ook waar vindt. Haar heeft vaak een cruciale rol in wie je bent. Hoe je haar zit, laat zien wie jij bent en soms welke standpunten/moralen je hebt. Mensen kunnen jouw stijl, jouw kijk op de wereld en/of plaats in de samenleving vaak aflezen door alleen al naar het haar te kijken. Haar is een herkenningspunt, haar ís van belang. Tja, wat kan ik zeggen over het verloop van de punk… Niet echt veel… Veel zijn feitjes, weetjes. Mason vindt dit blijkbaar cruciaal om te weten, om dit over te brengen naar de lezers. Punk heeft ervoor gezorgd dat de samenleving is veranderd, de afkeer tegen autoritaire dingen. Je weet wel, het DIY-principe: Do It Yourself. Jij kan ook wat anderen kunnen, iedereen kan het. Daarbij het voorbeeld van The Sex Pistols. Maar deze hebben de principes een beetje overgenomen, zeg maar bijna ‘gestolen’, van bands uit Amerika, met name Richard “Hell” Meyers. Maar die vond het niet erg.
Wat Mason verteld over VICE is allemaal heel leuk en aardig. Alleen snap ik één klein dingetje niet. Ze hebben het opgericht met punk in hun (achter)hoofd: houdt het klein en voor jezelf, wordt het groter: prima, wordt dat het niet: ook goed. Uiteindelijk zijn ze nu zo gegroeid dat ze allerlei bedrijven erbij hebben. Nog steeds gebaseerd op punk en met de principes in hun achterhoofd. Maar ze zijn een multinational geworden en dat is dan weer iets totaal niet punk: die gruwde van multinationals. Oude punks hebben veel profijt van de massale advertising en doen nu waar ze eerst zo fel op tegen waren. Eh oké, dus ze zijn punk maar ook weer niet. Zo divers kan het dus zijn en op deze manier vergaan de punk gedachtes ook, nietwaar? Punk is dus eigenlijk een grote wirwar van tegenstrijdigheden, zoals Mason ook zegt.
Tegenwoordig denken mensen erg veel voor zichzelf. Doen ze wat ze zelf willen en proberen te behalen wat zij in gedachten hebben. Het DIY-principe is goed doorgekomen in de loop der tijd. Mason zegt al dat het ook komt door de massale reclames die tegenwoordig gemaakt worden. Mensen worden immuun voor reclames, ze kiezen zelf wat ze willen zien en wat ze kopen. “Punk propageerde de gedachte dat niets ertoe deed behalve je eigen behoefte om de dingen zelf te doen”, dat zegt Mason in het boek. Door de toepassingen van internet is het nu gemakkelijker om, dat ben ik het zeker met hem eens. Kijk maar simpelweg naar YouTube en MySpace, volgens mij de meest gebruikte voorbeelden. Iedereen kan doen wat hij/zij zelf wilt. De kijker wordt de maker, zoals Andrew Keen in zijn boek The Cult Of The Amateur regelmatig zegt. “Creativiteit is de belangrijkste bron van motivatie”, ik denk dat dat inderdaad zo is. Creativiteit heb je nodig om ergens te komen in het leven, om het zelf te doen, om zelf iets op te zetten, om gelukkiger te worden met wat je hebt. Gezien het feit dat zo veel mensen ontevreden zijn. Wat Richard Florida zegt: “Creatieve mensen worden niet langer als onconventionele buitenbeentjes gezien. Ze zijn de nieuwe mainstream.” Ik ben het helemaal met hem eens.




